Zoeken

Inloggen

Artikelen

Hof Arnhem 021007 bewijs zelfwerkzaamheid geslaagd door verklaringen van partner en tuinmannen

Hof Arnhem 021007 bewijs zelfwerkzaamheid geslaagd door getuigenverklaringen van partner en tuinmannen
2.4  Als (partij-)getuige heeft [appellante] op 20 april 2007 verklaard:
“Voor het ongeval deed ik de tuin, met dien verstande dat de voor- en najaarsbeurt door een bedrijf wordt uitgevoerd en dat mijn man het gras maaide. Dat bedrijf was Erica. Dat was onze tuin in [plaatsnaam], ongeveer 950 m2 inclusief de woning. Tijdens het ongeval hadden wij deze woning al.
Begin juli 2004 zijn we verhuisd naar [woonplaats], naar een boerderij buitenaf met een hectare grond, waarvan ongeveer 1250 m2 tot 1500 m2 tuin, dat weet ik niet precies.
[A.] deed de tuin bij onze buren, hoorde van het ongeval, heeft toen zijn diensten aangeboden en dat hebben we toen geaccepteerd. Direct in het najaar van het ongeval is hij bij ons aan de gang gegaan. Zijn verklaringen (productie twee bij akte van vandaag) heeft hij op een gegeven moment opgemaakt omdat ik die nodig had voor de verzekering. Meestal zo eens per jaar liet ik hem zo’n briefje tekenen. Per dag dat hij kwam betaalde ik hem.
Toen wij verhuisden naar [woonplaats] kwam hij niet meer. Hij was ouder, woonde in [plaatsnaam] en was altijd op de fiets gekomen. Sinds we in [woonplaats] wonen helpt ons [B.]. Het klopt dat we hem 90 euro per week gedurende 40 weken per jaar betalen. Dat betreft uitsluitend de tuin rond de boerderij. Mijn man maait nog steeds het gras, nu gemotoriseerd.
Kort gezegd heeft na mijn ongeval [A.] en daarna [B.] mijn werk in de tuin overgenomen.
Op uw vraag waarom ik [A.] en [B.] niet als getuige heb meegebracht zeg ik dat zij op leeftijd zijn, het er bij doen en contant betaald krijgen. Ze willen er liever niet officieel mee te maken hebben.
Negentig euro veel geld? Hij werkt een hele dag en komt dan uit op ongeveer 11 euro per uur, ongeveer het zelfde bedrag als een werkster. Vanaf maart komt hij eenmaal per week tot het eind van het jaar, minus de vakanties. Hij doet ook veel veegwerk onder de bomen.
Mijn man is niet meer gaan doen in tuin. Vanwege mijn beperkingen verleent hij al veel hand- en spandiensten.
Op vragen van mr. Luiken verduidelijk ik:
In het begin na het ongeval hebben mensen mij geadviseerd kosten bij te houden. Toen heb ik al aan het einde van het seizoen aan [A.] gevraagd om op papier te zetten wat hij van mij gekregen heeft. Later heeft Mr Rijpma daarom gevraagd.”

2.5  Als getuige heeft [C.], echtgenoot van partij [appellante] verklaard:
“Voor het ongeval maaide ik het gras en deed mijn vrouw de rest in de tuin. Het ging om een kavel van ongeveer 900 m2 inclusief het huis. Tuinbedrijf Erica deed de voor- en najaarsbeurt.
Na het ongeval kwam er een tuinman om de grote werkzaamheden in de tuin te doen, eerst [A.] en nu [B.]. Erica bleef de voor- en najaarsbeurt geven.
[A.] heeft zijn verklaringen in de loop van de tijd afgegeven. Wij moesten die schadepost hard maken en daarom hadden we die verklaring nodig. Wij vroegen deze dan aan [A.]. Aan [B.] hebben we nog geen verklaringen gevraagd maar dat kunnen we nog doen. De verklaringen van [A.] kloppen ook. [B.] komt een keer per week een hele dag in het hele seizoen zo van maart tot november/december.
Of we er aan gedacht hebben om [A.] en [B.] te laten komen? Daar werd niet om gevraagd.
Nu in [woonplaats] hebben we een veel grotere kavel, maar het werk van [B.] beslaat de zelfde oppervlakte en misschien iets meer bomen.
We hebben de tuin anders ingericht zodat deze minder arbeidsintensief is. Ik maai nu meer gras en wel met een zitmotormaaier. “

2.6  Bij akte van 20 april 2007 heeft [appellante] kwitanties overgelegd, waarin [A.] over de periode van september 1997 tot en met juni 2004 per kalender jaar verklaarde dat hij voor [appellante] de tuin heeft verzorgd en daarvoor respectievelijk f 900,00, f 2.940,00, f 2.940,00, € 1.360,00, € 1.360,00, € 1.500,00, € 1.500,00 en € 630,00 heeft ontvangen. Aan het proces-verbaal van de comparitie van 29 mei 2007 is een verklaring gehecht van [B.], waarin deze schrijft dat hij sedert medio 2004 tuinwerkzaamheden verricht voor de familie [C.], dat het gaat om één dag per week in de periode van maart tot en met december en dat hij daarvoor € 90,00 per week ontvangt.

2.7  Op grond van de combinatie van beide verklaringen en de kwitanties oordeelt het hof [appellante] in haar bewijsopdracht geslaagd. Delta Lloyd heeft geen tegenbewijs geleverd.
Grief 6 is terecht voorgesteld. De vordering is toewijsbaar zoals hieronder vermeld.(...)
4  De vordering wegens tuinwerk (ook een vorm van verlies van zelfwerkzaamheid) heeft de rechtbank in haar tussenvonnis van 16 april 2003 onder 9.4 niet toewijsbaar geoordeeld. Blijkens dit tussenarrest onder rov. 2.3 tot en met 2.7 is deze vordering toewijsbaar. Het gaat tot en met juni 2004 om de bedragen van f 900,00, f 2.940,00, f 2.940,00, € 1.360,00, € 1.360,00, € 1.500,00, € 1.500,00 en € 630,00, voor de tweede helft van 2004 voor € 870,00 en voor de volgende jaren op € 1.500,00 per jaar tot het 70e levensjaar van [appellante]. Hier moet kapitalisatie plaatsvinden.
LJN BB9116

Deze website maakt gebruik van cookies