Overslaan en naar de inhoud gaan

Hof 's-Hertogenbosch 150714 AOV hovenier; aanvullend voorschot verzekeringsarts na eerder voorschot van € 5.372,40; ook ten laste van appellant

Hof 's-Hertogenbosch 150714 AOV hovenier; aanvullend voorschot verzekeringsarts na eerder voorschot van € 5.372,40; ook ten laste van appellant

vervolg op: bovenstaande uitspraken (ECLI:NL:GHSHE:2013:5633 & ECLI:NL:GHSHE:2014:922, zie ook het eindvonnis ECLI:NL:GHSHE:2015:1563

16 Het tussenarrest van 1 april 2014

Bij genoemd arrest heeft het hof bepaald dat er een deskundigenonderzoek zal worden verricht door drs. A.W.A. Elemans en J. Wouters. Verder is bepaald dat het voorschot voor deskundige Elemans van € 5.372,40 en voor deskundige Wouters van € 4.023,25 voorlopig ten laste van partij [appellant] komt. De termijn van inzending van het rapport van de deskundige is bepaald op drie maanden nadat de griffier de ontvangst van het voorschot heeft bericht. Iedere verdere beslissing is aangehouden.

17 Het verdere verloop van de procedure en de verdere beoordeling

17.1
Partij [appellant] heeft op 8 april 2014 het voorschot van € 9.395,65 op de aangegeven wijze voldaan.

17.2
Deskundige Elemans heeft bij brief van 23 juni 2014 aan de griffier gevraagd om een aanvullend voorschot van € 2.014,65, inclusief 21% btw.

17.3
Op 24 juni 2014 heeft de griffier van het hof de brief van 23 juni 2014, waarin de deskundige een aanvullend voorschot vraagt, doorgezonden aan de advocaten van partijen en partijen in de gelegenheid gesteld binnen een termijn van veertien dagen te reageren op deze verhoging.

17.4
Mr. Van der Ven heeft bij brief van 1 juli 2014 gereageerd en daarin namens de advocaat van [appellant] aangegeven dat hem de totale bevoorschotting zeer hoog voorkomt en dat zijn cliënt daardoor in de financiële problemen dreigt te komen. Hij verzoekt om die reden het eventuele aanvullende voorschot ten laste van Achmea te laten komen.

17.5
Mr. Robustella heeft bij brief van 2 juli 2014 gereageerd en daarin geen op- of aanmerkingen geplaatst bij het gevraagde aanvullend voorschot. Wel maakt hij bezwaar tegen het verzoek van de wederpartij om het aanvullend voorschot voor rekening te brengen van zijn cliënte.

17.6
Het hof ziet in hetgeen namens [appellant] is aangevoerd onvoldoende aanleiding om terug te komen op zijn eerdere beslissing dat het voorschot vooralsnog ten laste van [appellant] wordt gebracht. Het hof zal dan ook beslissen zoals in het dictum is bepaald. ECLI:NL:GHSHE:2014:2140