Overslaan en naar de inhoud gaan

Rb Rotterdam 281015 kosten deelgeschil gevorderd € 10.738,19 obv 32:26 uren; toegewezen obv van 19 x € 250 + 6% + 21% + griffierecht, totaal € 6.377,35

Rb Rotterdam 281015 whiplash; geen zwaarwegende redenen om vervolgonderzoek door andere deskundige te laten verrichten; aanvullend voorschot schade afgewezen;
- vordering ASR van stukken ogv art 843a Rv over procedure mbt inboedelverzekering afgewezen, fishing expedition; 
- aanvullende bevoorschotting BGK volledig toegewezen, ondanks verhouding hoofdsom (€ 171.000 bevoorschot) en reeds gemaakte kosten (€ 120.000 bevoorschot);
- kosten deelgeschil gevorderd € 10.738,19 obv 32:26 uren; toegewezen obv van 19 x € 250 + 6% + 21% + griffierecht, totaal € 6.377,35.

vervolg op: rb-rotterdam-031213-whiplash-toezending-eenzijdige-medisch-adviezen-naar-deskundigen-mede-nav-uitlatingen-ass-geen-belang-meer

kosten deelgeschil

4.44.
Op grond van artikel 1019aa Rv dient in beginsel begroting plaats te vinden van de kosten bij de behandeling van het verzoek aan de zijde van de persoon die schade door dood of letsel lijdt. Hierbij dient de dubbele redelijkheidstoets gehanteerd te worden. Dit betekent dat indien een deelgeschilprocedure volstrekt onnodig of onterecht is ingesteld, de kosten daarvan niet voor vergoeding in aanmerking komen. Uit het vorenstaande volgt reeds dat het laatste niet aan de orde is.

4.45.
Bij de mondelinge behandeling heeft [verzoeker] een specificatie in het geding gebracht van de door hem tot aan de mondelinge behandeling gemaakte kosten ad € 10.738,19 (32:26 uren à € 250,-, vermeerderd met 6% kantoorkosten, BTW en griffiegeld ad € 285,00) en gesteld dat dit bedrag voor de aan de zitting bestede tijd inclusief reistijd met een bedrag van ongeveer € 1000,- dient te worden vermeerderd. ASR heeft de redelijkheid van het uurtarief niet bestreden en ten aanzien van de redelijkheid van het aantal aan het deelgeschil bestede uren zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

4.46.
Uit de overgelegde specificatie blijkt dat de advocaat van [verzoeker] voorafgaande aan de zitting 32:36 uur aan het deelgeschil heeft besteed waarvan ruim 15 uren aan het opstellen van het verzoekschrift en 12,5 uur aan de voorbereiding van de zitting, inclusief het opstellen van de pleitnota. In aanmerking nemende de expertise die bij de raadsman aanwezig mag worden verondersteld en zijn bekendheid met het dossier komt dat aantal uren buitenproportioneel voor. Rekening houdende met voormelde omstandigheden begroot de rechtbank de in redelijkheid bestede tijd vanaf het concipiëren van het inleidende verzoekschrift tot aan de zitting op 16 uren. Met de aan de zitting, inclusief reistijd, bestede tijd van 3 uren, komt de in redelijkheid door de raadsman van [verzoeker] aan het deelgeschil bestede tijd daarmee op 19 uren. De gemaakte kosten komen daarmee op (19 x € 250 =) € 4.750,- vermeerderd met 6% kantoorkosten. De kosten van de deelgeschilprocedure worden derhalve aan de zijde van [verzoeker] begroot op € 6.092,35 (inclusief BTW), te vermeerderen met het door [verzoeker] betaalde griffierecht van € 285,-, derhalve in totaal € 6.377,35.

4.47.
ASR voert verweer tegen het verzoek van [verzoeker] om haar te veroordelen tot betaling van deze kosten en voert daartoe aan dat thans niet tot die veroordeling dient te worden overgegaan zodat in het vervolg van deze kwestie, bijvoorbeeld in een bodemprocedure, de rechtmatigheid kan worden vastgesteld.

4.48.
Met de aansprakelijkheid van ASR voor de gevolgen van het ongeval is op grond van artikel 1019aa Rv juncto artikel 6:96 lid 2 BW gegeven dat ASR de hiervoor begrote kosten aan [verzoeker] dient te vergoeden. Uit hetgeen ASR in dit deelgeschil heeft aangevoerd kan niet worden afgeleid dat die rechtsgrond in de toekomst zal vervallen. ASR zal derhalve overeenkomstig het verzoek van [verzoeker] worden veroordeeld tot betaling van de hiervoor begrote kosten. ECLI:NL:RBROT:2015:7641