DLR 0126 Aanvullende notitie WNU-Tabellen 2024: Behoefteberekening voor overlijdensschade bij co-ouders <40%
- Meer over dit onderwerp:
DLR 0126 Aanvullende notitie WNU-Tabellen 2024: Behoefteberekening voor overlijdensschade bij co-ouders <40%
Aanvulling co-ouderschap <40%
In 2024 heeft het Nibud in opdracht van de Letselschade Raad nieuwe tabellen met WNUpercentages opgesteld voor het berekenen van overlijdensschade bij het overlijden van één of meerdere volwassenen in een gezin. In deze tabellen zijn onder andere situaties opgenomen voor het berekenen van overlijdensschade bij co-ouderschap wanneer een kind tussen de 40% en de 60% van de tijd woonachtig is bij beide ouders. Als een kind meer dan 60% bij een ouder woont, stelt het Nibud dat uitgegaan kan worden van de toepasselijke tabellen voor een eenoudergezin. Deze afbakening sluit aan bij de voorwaarden die de Belastingdienst stelt aan co-ouderschap.
In aanvulling op de WNU-tabellen heeft de Letselschade Raad het Nibud verzocht om mee te denken bij de ontwikkeling van een methode voor het berekenen van overlijdensschade bij co-ouderschap waar het kind minder dan 40% van de tijd inwonend is. In het bijzonder gaat het hier om de bepaling van de behoefte van een kind wanneer het kind minder dan 40% van de tijd bij de overleden co-ouder verblijft (verder te noemen: overledene). Alhoewel er bij een dergelijke tijdsverdeling volgens de definitie van de Belastingdienst dan geen sprake meer is van co-ouderschap, is de term in de praktijk gangbaar voor verschillende varianten van gedeeld ouderschap.
De Letselschade Raad heeft aangegeven dat het wenselijk is dat er voor deze situaties een eenduidige en eenvoudige standaardmethode wordt ontwikkeld, om zo de in de praktijk voorkomende verschillen tussen de uitwerkingen van rekenkundigen te minimaliseren. Deze notitie is een uitwerking van de rekenmethode die het Nibud hiertoe heeft ontwikkeld in samenwerking met de Letselschade Raad. DeLetselschadeRaad
Zie ook de bijdrage van Erik Jan Bakker op linkedin.com
