Ipsos 170726 Kloof tussen woord en begrip: de uitdaging van begrijpelijke begrippen bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven
- Meer over dit onderwerp:
Ipsos 170726 Kloof tussen woord en begrip: de uitdaging van begrijpelijke begrippen bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven
Als slachtoffers van gewelds- en seksuele misdrijven zware lichamelijke of psychische problemen ervan ervaren, kunnen ze aanspraak maken op een financiële tegemoetkoming. Daarvoor kunnen ze terecht bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Toch dienen maar weinig slachtoffers een aanvraag in. Ipsos I&O onderzocht voor het Schadefonds of de begrippen die het fonds gebruikt wel voor iedereen begrijpelijk zijn.
Het is belangrijk dat de doelgroep van het Schadefonds de organisatie weet te vinden. Uit eerder onderzoek van Ipsos I&O blijkt echter dat dit niet volledig gebeurt: slechts één op de tien slachtoffers doet een aanvraag. Meerdere barrières kunnen een rol spelen; één ervan is dat de informatie slachtoffers soms ontmoedigt om een aanvraag te doen.
Inzicht nodig in begrijpelijkheid van begrippen
Op de website en het aanvraagformulier gebruikt het Schadefonds sleutelbegrippen die essentieel zijn om de rechten en plichten rondom de tegemoetkoming in de schade op een juiste manier te begrijpen. In opdracht van het Schadefonds onderzocht Ipsos I&O in welke mate Nederlanders die sleutelbegrippen begrijpen.
De focus van dit onderzoek lag op zeventien sleutelbegrippen die Ipsos I&O samen met het Schadefonds selecteerde. Per begrip vroegen we de respondenten in hoeverre ze denken te weten wat het begrip betekent. Wanneer Nederlanders aangaven dat ze het begrip kennen, legden we hen vijf mogelijke definities voor. Eén optie is de definitie die het Schadefonds Geweldsmisdrijven gebruikt. Het doel was niet om de Nederlandse taalvaardigheid te testen, maar om te zien of de interpretatie van Nederlanders overeenkomt met die van het Schadefonds Geweldsmisdrijven.
| In dit rapport spreken we van het al dan niet begrijpen van begrippen zoals het Schadefonds ze bedoelt. Het is belangrijk om er rekening mee te houden dat respondenten de begrippen interpreteerden zonder de context van het Schadefonds en de aanvraagprocedure. De naam van het Schadefonds is niet genoemd. Respondenten wisten enkel dat de begrippen worden gebruikt door een organisatie bij het vaststellen van eventueel geleden schade en het uitkeren van geld. Verder boden we bewust geen extra context. |
Interpretatie wijkt vaker af bij middelbaar en lager opgeleiden
Nederlanders interpreteren sleutelbegrippen van het Schadefonds Geweldsmisdrijven regelmatig anders dan het Schadefonds bedoelt. Opleidingsniveau speelt hierbij een rol: het deel dat vaker voor een andere interpretatie kiest bevat relatief veel middelbaar en lager opgeleiden.
Begrippen op eerste oog herkenbaar, maar anders opgevat
Aanvankelijk schatten veel Nederlanders hun kennis van de sleutelbegrippen hoog in. Op de vraag ‘in hoeverre weet je wat [het begrip] betekent?’ geeft bij 15 van de 17 begrippen meer dan 90 procent aan het begrip (helemaal, grotendeels, een beetje) te kennen (zie figuur 1). Het begrip ‘opzettelijk’ wordt het vaakst als bekend aangeduid: driekwart (74%) van de Nederlanders denkt helemaal te weten wat dit begrip betekent. Enkel bij de begrippen ‘vooronderstellen’ en ‘herzieningsaanvraag’ geeft meer dan 10 procent aan het begrip niét te kennen.
Figuur 1 – In hoeverre weet je wat [begrip] betekent?
Alle Nederlanders (n=876)

* Volledige begrip is: ‘Er wordt beoordeeld of jouw aanvraag aan de voorwaarden voldoet’
De interpretatie van respondenten die zeggen de begrippen te kennen, komt echter vaak niet overeen met de definitie van het Schadefonds. Slechts 7 van de 17 begrippen worden door 80 procent of meer geïnterpreteerd zoals het Schadefonds ze bedoelt (zie figuur 2). De begrippen ‘opzettelijk’ en ‘eigen aandeel in het gebeurde’ worden het meest geïnterpreteerd volgens de definitie van het Schadefonds. Bij zowel het begrip ‘erkenning’ als ‘huiselijk geweld’ kozen de minste Nederlanders voor de definitie die het Schadefonds in hun communicatie hanteert.
Figuur 2 – Welke betekenis lijkt het meeste op hoe jij [begrip] zou uitleggen?
Basis: Nederlanders die (helemaal/grotendeels/een beetje) weten wat dit begrip betekent
(nmin =782; nmax= 876)

* Volledige begrip is: ‘Er wordt beoordeeld of jouw aanvraag aan de voorwaarden voldoet’
Hoger opgeleiden interpreteren begrippen vaker volgens definitie van Schadefonds
Uit het onderzoek blijkt dat opleidingsniveau samenhangt met de manier waarop Nederlanders de begrippen interpreteren. Hoger opgeleiden kiezen vaker voor de definitie van het Schadefonds dan middelbaar en lager opgeleiden (zie figuur 3). Zo koos 57 procent van de hoger opgeleiden bij 11 tot 15 begrippen de definitie van het Schadefonds, tegenover 45 procent van de middelbaar en 35 procent van de lager opgeleiden. Het verschil is het grootst tussen hoger en lager opgeleiden.
Figuur 3 – Aantal gekozen definities overeenkomend met het Schadefonds Geweldsmisdrijven (naar opleiding)
Alle Nederlanders (n=876)

Positieve, negatieve of neutrale associaties
Het Schadefonds Geweldsmisdrijven wilde ook weten hoe sommige begrippen overkomen. Dit hebben we getest bij een selectie van tien begrippen (zie figuur 4). Tegenover zeven begrippen had het merendeel een neutrale houding: tussen de 53 en 69 procent niet positief, maar ook niet negatief overkomen. Bij het begrip ‘bevoegd en bekwame hulpverlener’ had driekwart van de Nederlanders een positieve associatie. De begrippen ‘huiselijk geweld’ en ‘mensenhandel’ dragen veruit de meeste negatieve associaties mee: negen op de tien Nederlanders beschouwen deze begrippen als (heel) negatief.
Figuur 4 – Hoe komt [begrip] op jou over?
Alle Nederlanders (n=876)

Het gehele rapport kunt u hier downloaden.
Onderzoeksverantwoording
Ipsos I&O voerde dit onderzoek uit in opdracht van het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Om de vragenlijst te ontwikkelen vond een werksessie plaats waarin de onderzoekers van Ipsos I&O en communicatieadviseurs en juristen van het Schadefonds Geweldsmisdrijven sleutelbegrippen bij elkaar hebben gebracht. De lijst bevat zeventien sleutelbegrippen, met de definities die het Schadefonds hanteert.
De vragenlijst is uitgezet in het I&O Research panel en liep van 5 tot 20 februari 2026. Het onderzoek richtte zich op Nederlanders van 18 jaar en ouder. Voor dit onderzoek zijn er in totaal 2.498 panelleden benaderd. Daarvan hebben er 876 de vragenlijst ingevuld. Dit is een responspercentage van 35 procent. Op de data is een weging toegepast op de achtergrondkenmerken leeftijd, gemeenten, opleiding en geslacht.
Het totale aantal respondenten is afdoende om betrouwbare uitspraken te doen over de kennis en interpretatie van de begrippen onder Nederlanders. Het aantal is ook groot genoeg om uitspraken te doen over verschillen op basis van achtergrondkenmerken, zoals leeftijd, geslacht en opleiding.